Nee! Waarom is de OCD niet weg? Ik heb toch zeer intensieve therapie gevolgd? Dan MOET ik er toch vanaf zijn? Zie je wel, mijn gedachtes zijn geen dwang maar echt waar! Ik ben wél een gefrustreerde homo, te bang om uit de kast te komen, wél een psychopathische seriemoordenaar, die alleen maar uit angst zijn verschrikkelijke verlangens niet uitvoert. Ik ben een man die zijn vriendin en zichzelf belazerd. Een belachelijk figuur, het leven niet waard. Een mislukkeling.

Het duiveltje van mijn geest 2.0

Dit waren de afgelopen dagen gedachten waarmee het dwangduiveltje in mijn hoofd me bestookte. Het duiveltje weet heel goed hoe hij mij angstig maakt. Het is perfect in staat om mijn dag te vergallen. Ik ben er vaak niet tegen opgewassen. Als ik niet lekker in mijn vel zit, neemt hij de regie over. Ik wéét wel dat ik me er niks van aan zou moeten trekken, maar ik haat die gedachten en probeer ze weg te drukken. Maar hoe harder ik dat probeer, hoe sterker ze worden.

Van mijn therapeuten heb ik geleerd dat ik mijn dwanggedachten moet opschrijven en hardop voorlezen. “Maar”, roept het duiveltje, “dat heeft geen zin want het zijn helemaal geen dwanggedachten. Deze keer zijn ze echt. Alle therapie voor OCD is onzin geweest. Het zijn geen dwanggedachten, het zijn verlangens!”

Na deze twee volle dagen ben ik er niet langer tegen opgewassen en geef ik me over. Niet dat ik de gedachten ga uitvoeren, maar wel dat ik denk aan zelfmoord. Alleen op die manier kan ik mijn angst de gedachten te zullen uitvoeren stoppen. Geen angst meer om mijn vriendin te belazeren, geen angst meer om andere mensen te vermoorden en geen angst meer om in de goot of in de cel te belanden.

Wanhoop

Met de moed der wanhoop plaats ik een noodoproep op de Facebookpagina Dwang van OCD’ers. Ik geef aan dat ik denk een terugval te hebben en dat ik geen idee heb hoe ik er nu mee om moet gaan. Dat ik weer het sterke gevoel heb, de overtuiging bijna, dat de gedachten deze keer realiteit zijn. Ik hoop op een reactie die mijn zorgen ontkracht, maar ben bang dat ze juist bevestigd zullen worden.

Binnen enkele minuten krijg ik toch het begrip waarop ik hoopte. Het geeft mij even rust, maar 10 minuten later ben ik alsnog aan het googelen op mijn gedachtes. Natuurlijk vind ik juist allemaal dingen die mijn obsessionele angst aanwakkeren. Een man die op zijn 40e pas uit de kast kwam. Een man die door frustratie zijn hele gezin heeft uitgemoord.

Het maakt me wanhopig. Ik zie mezelf al mijn polsen doorsnijden, maar dat wil ik net zo min als al die dwanggedachtes. Gelukkig zijn er nog meer reacties op mijn noodoproep die me een beetje geruststellen. Deze keer duurt het maar liefst een uur! In dat uur kan ik weer een beetje denken en inzien dat al deze gedachten pure onzin zijn, dat het écht dwangmatig is en juist staat voor iets dat ik niet wil en hoe ik niet ben. Doodop val ik in slaap.

Knoop doorgehakt

De volgende ochtend wéér die knoop in mijn maag. De duivel in mijn hoofd is ook uitgerust. De hele riedel begint weer van vooraf aan. Daar gaan we weer. Ik ben gebroken en besluit mijn vriendin dan maar te vertellen over mijn gedachten. Dit is het einde van mijn relatie denk ik. Maar nee, mijn vriendin reageert vol begrip en zegt wat ik ergens wel weet, maar totaal niet meer kan beleven: “Het zijn dwanggedachtes. Je moet je oefeningen doen.”

In tranen vertel ik dat ik weer hulp nodig heb en zij belt mijn therapeut. Ik wil hem niet spreken want ik ben er nog steeds niet van overtuigd dat het dwanggedachten zijn. Afgesproken wordt dat ik de bestaande afspraak met hem vervroeg. We zullen kijken of ik medicatie nodig heb als ondersteuning op mijn Cognitieve Gedragstherapie (CGT). Dit geeft rust, maar voor hoe lang?

Later op de dag heb ik nog wat afspraken staan en tegen mijn gevoel in besluit ik die niet af te zeggen. Ondanks mijn vermoeidheid doet me dat toch goed. Het leidt me af van de dwanggedachtes. Opeens zie ik het leven weer wat zonniger in. Ik overweeg de afspraak met de therapeut weer af te zeggen, maar besluit dat ik toch hulp nodig heb. Ik weet hoe ik af kan rekenen met deze gedachten, namelijk consequent mijn exposure-oefeningen herhalen en afleiding zoeken. Maar ik ben nog niet sterk genoeg om dit altijd alleen te kunnen. Vaak wel, maar soms niet. Twee stappen vooruit, eentje terug…

Photo credit: denvit via Pixabay (license) – adaptation