Obsessieve twijfel aan een aspect van je uiterlijk. Ingebeelde lelijkheid. 

Vertaald als Morfodysfore stoornis (DSM-5), stoornis in de lichaamsbeleving (DSM-IV).Vertaald als Morfodysfore stoornis (DSM-5), stoornis in de lichaamsbeleving (DSM-IV).
Mensen die overtuigd zijn dat één of meer lichaamsdelen afstotelijk zijn terwijl anderen er niets opvallends aan opmerken, lijden onder een verstoorde lichaamsbeleving: Body Dysmorphic Disorder (BDD). Er is een sterke focus op deze beleefde afwijkingen of onvolmaaktheid en ook al is er soms wel sprake van kleine oneffenheden, de negatieve beleving ervan staat niet in verhouding tot een objectieve beoordeling.
De Nederlandse naam voor Body Dysmorphic Disorder (afgekort BDD) is ‘stoornis in de lichaamsbeleving’. Andere namen die soms gebruikt worden zijn dysmorfofobie en ingebeelde lelijkheid. Belangrijk is dat BDD niet meer bij de somatoforme stoornissen wordt onderverdeeld zoals in de DSM-IV, maar bij obsessieve-compulsieve stoornissen gezien de grote overlap met de obsessieve-compulsieve stoornis.

Criteria DSM-5 (300.7)

  1. Preoccupatie met één of meer vermeende misvormingen of onvolkomenheden in het uiterlijk die door anderen niet waarneembaar zijn, of door hen als onbeduidend worden beschouwd.
  2. Op een bepaald moment tijdens het beloop van de stoornis heeft de betrokkene in reactie op de ongerustheid over het uiterlijk repetitieve handelingen verricht (zoals zichzelf controleren in de spiegel, zich excessief uiterlijk verzorgen, aan de huid pulken, of om gerustheid vragen) of psychische activiteiten uitgevoerd (zoals het eigen uiterlijk vergelijken met dat van anderen).
  3. De preoccupatie veroorzaakt klinisch significante lijdensdruk of beperkingen in het sociale of beroepsmatige functioneren of in het functioneren op andere belangrijke terreinen.
  4. De preoccupatie met het uiterlijk kan niet beter worden verklaard door de ongerustheid over lichaamsvet of gewicht bij iemand van wie de symptomen voldoen aan de criteria voor een eetstoornis.

Er kan ook een subtype “met musculodysfore stoornis” worden getypeerd; hierbij heeft een patiënt (ook) de preoccupatie dat zijn of haar lichaam te smal gebouwd of te weinig gespierd is. Het gaat hier meestal om mannen met vaak extreme trainingsschema’s, diëten en soms ook gebruik van anabole steroïden, waarmee men bij behandeling rekening moet houden.

Verder kan gespecificeerd worden of er sprake is van een:

  • goed/redelijk realiteitsbesef
  • gering realiteitsbesef
  • ontbrekend realiteitsbesef/waanovertuigingen

Prevalentie

BDD is gezien in de leeftijd van 6 tot 80 jaar en verdeeld over 61 % vrouwen en 39 % mannen. Meestal ontwikkeld het zich in de leeftijd van 11 tot 20 jaar.

Wereldwijde studies 1,7 – 2,4 %
Intramurale psychiatrie U.S. Volwassenen 13 – 16 %
Intramurale psychiatrie U.S. Adolescenten 1,7 – 2,4 %
Studenten (niet klinisch) 2 – 13 %
Dermatologie 6 – 15 %
Plastische chirurgie 3 – 53 % (13 %)

(Kelly en Phillips, 2011)

De ene persoon kan blijven functioneren waardoor het onopgemerkt blijft voor anderen, voor iemand met een zwaardere vorm lukt dat niet. Het helpt niet als mensen zeggen tegen iemand met BDD dat hij zich geen zorgen hoeft te maken, want wat anderen denken en vinden heeft geen invloed op het beeld wat die persoon van zichzelf heeft. Voor mensen uit de omgeving kan dit heel moeilijk zijn om te begrijpen. Sommige mensen met BDD hebben liever dat ze blind zijn, een arm missen of kanker hebben omdat mensen dan zouden geloven dat er iets mis met ze is, ze dan veel meer begrip kunnen krijgen en ze minder geïsoleerd raken. Het komt ook voor dat ze een lichaamsdeel dat ze lelijk vinden liever willen amputeren dan verder te leven met dat lelijke deel van zichzelf. Veel mensen met BDD durven het niet te vertellen aan hun omgeving en vaak niet eens aan de persoon die het meest dichtbij staat. De schaamte is zo groot omdat ze verwachten dat anderen het niet zullen begrijpen en ze overdreven ijdel vinden: ‘maak je je daar zo druk om? Stel je niet aan, je bent helemaal niet lelijk’. Ze zouden dan geen erkenning krijgen en zich erg onbegrepen en beschaamd voelen.