Medicatie

Farmacotherapie, ofwel behandeling met medicatie is de tweede belangrijke behandeloptie naast cognitieve gedragstherapie (CGT). Het is altijd raadzaam om farmacotherapie te combineren met CGT. 

Farmacotherapie roept vaak veel weerstand op. De voor- en nadelen ervan zullen we nog uitgebreid bespreken. Vaak wordt er gezegd dat medicatie niet natuurlijk is. Dat klopt, maar wat natuurlijk is, is niet altijd prettig. De natuur is soms behoorlijk wreed.
Soms is de weerstand tegen medicatie ook dwangmatig van aard: medicatie gebruiken is niet perfect, niet 100% in orde.

Middelen volwassenen

  • Belangrijkste middelen zijn de selectieve serotonineheropnameremmers ofwel SSRI’s als afkorting van Selective Serotonin Reuptake Inhibitors. Voorbeelden:
    • Fluvoxamine/Fevarin
    • Fluoxetine/Prozac
    • Sertraline/Zoloft
    • Escitalopram/Lexapro

     
    Een enkele maal wordt een Clomipramine/Anafranil gegeven. Dit middel remt ook de heropname van serotonine maar niet selectief, want het remt ook onder meer de heropname van noradrenaline.
    Clomipramine wordt in het lichaam omgezet in Desmethylclomipramine. Deze stof geeft wel bijwerkingen en waarschijnlijk weinig werking. Het is daarom goed als de verhouding Clomipramine/Desmethylclomipramine hoog is, dat wil zeggen relatief weinig Desmethylclomipramine.
    Bij Clompraminegebruik kan de concentratie van beide stoffen in het bloed worden bepaald.

    Bij OCD gelden de volgende richtlijnen
    De concentratie van Clomipramine moet groter dan 200 microgram per liter en kleiner dan 300 microgram zijn.
    De concentratie van Desmethylclomipramine zo laag mogelijk, maar meestal zal deze hoger zijn dan die van Clomipramine.
    De som van beide concentratie moet kleiner dan 500 microgram zijn.

    Als de verhouding Clomipramine/Desmethylclomipramine ongunstig is, dus relatief weinig Clomipramine dan kan een lage dosis Fluvoxamine de omzetting van Clomipramine in Desmethylclomipramine remmen.
    Er kan dan 25 milligram Fluvoxamine toegevoegd worden. Na drie dagen worden dan de spiegels bepaald, die binnen 24 uur moeten worden beoordeeld want de spiegels kunnen snel stijgen. Als zo snel beoordelen niet mogelijk is dan de Clomipramine dosis verlagen voor toevoeging van Fluvoxamine en op geleide van de spiegels later weer verhogen. De spiegels worden opnieuw bepaald na nog eens drie dagen.


    Moment van afname
    Een spiegel kan 10-16 uur (ideaal 12 uur) na de laatste inname worden afgenomen, dit geldt ook voor retard preparaten.
    Wanneer er meerdere malen per dag wordt gedoseerd, kan de spiegel het best vóór de ochtendgift bepaald worden (met een minimaal tijdsinterval van 10 uur na de laatste dosis van de vorige dag).
    Na ongeveer één week wordt de steady state bereikt.

  • Soms is toevoeging van een dopamineremmend middel zinvol, mogelijk vooral bij ticgerelateerde OCD. Bijvoorbeeld:
    • Haloperidol/Haldol
    • Risperidon/Risperdal
    • Quetiapine/Seroquel
  • Daarnaast zijn soms tijdelijk niet specifiek werkende middelen nodig, die een angstvermindering geven bijvoorbeeld met benzodiazepines zoals:
    • Alprazolam/Xanax
    • Diazepam/Valium
    • Oxazepam/Seresta

Het effect is nog onduidelijk. Vaak wordt het als toevoeging aan SSRI’s voorgeschreven. Dat we het hier vermelden, betekent niet dat we het gebruik ervan aan- of afraden.

  • D-cycloserine
    Een antibioticum wat ook invloed heeft op prikkeloverdracht in de hersenen. Mogelijk dat daardoor de uitdoving van angst/onrust bij exposure (blootstelling) sneller optreedt. Het lijkt er vooralsnog niet op dat dit bij OCD een groot effect geeft en is nog weinig onderzocht.
    Lees meer over D-cycloserine in dit artikel.
  • N-acetylcysteine
    Dit middel remt glutamaat, een stof betrokken bij contacten tussen zenuwcellen. Misschien dat het (meer?) werkt bij Trichtotillomanie en Skin-picking. Het is vrij verkrijgbaar bij de drogist. Glutamaat speelt mogelijk ook een rol bij OCD.
    Lees meer over N-acetylcysteine in dit artikel (pdf).
  • Memantine
    Dit middel remt glutamaat en blokkeert de NMDA receptor waardoor glutamaat, een stof betrokken bij contacten tussen zenuwcellen, niet kan werken. Het middel is geregistreerd als medicijn wat een (gering) effect heeft bij dementie (ziekte van Alzheimer). Glutamaat speelt mogelijk ook een rol bij OCD.
  • Ondansetron
    Dit middel blokkeert de serotonine-3 receptor (een voor bepaalde stoffen gevoelige plek op zenuwcellen). Het middel is geregistreerd als medicijn tegen braakneiging bijvoorbeeld na een operatie of ten gevolge van chemotherapie. Een indirect gevolg van die blokkade, is een dopamine-remmend effect. Misschien dat Ondansetron een alternatief is voor toevoeging van een antipsychoticum, een middel wat ook dopamine remt en waarvan wel bekend is dat toevoeging ervan aan een SSRI effectief kan zijn.
  • GABA (Gamma-Aminoboterzuur/Gamma-Aminobutyric acid)
    Deze stof passeert de bloedhersenbarrière niet en er is dan ook geen reden om aan te nemen dat GABA angst vermindert, behalve dan door placebo-effecten. In de hersenen speelt GABA wel een belangrijke rol bij angst en medicatie die GABA in de hersenen beïnvloedt, kan wel angstreducerend werken. Bijvoorbeeld benzodiazepines maar mogelijk ook middelen als Gabapentine (een stof die net zo werkt als GABA) of Tiagabine (zorgt voor verhoogde GABA op de plaats van de zenuwceloverdracht) of Pregabaline (Lyrica) en die werkt als GABA.

Soms heeft een SSRI seksuele problemen als bijwerking. Een aantal opties om hierin verbetering te krijgen, zijn:

  • Indien je de SSRI nog geen 6 maanden gebruikt, zou je tot die tijd kunnen afwachten. Soms neemt de seksuele bijwerking af als iemand aan het middel went.
  • Switchen naar een ander SSRI, bijvoorbeeld Fluoxetine.
  • Bupropion (Wellbutrin) 150-300 mg toevoeging kan een goede optie zijn.
  • Als alternatief zou toevoegen van een lage dosis Mirtazepine of Trazodone ook effectief kunnen zijn.
  • Mogelijk dat Sildenafil (Viagra) effectief kan zijn. Dit is vooral een middel is tegen erectieproblemen, terwijl de seksuele problematiek bij het gebruik van SSRI meer het verlies van seksuele aandrang is en het onvermogen tot het bereiken van een orgasme. Toch worden wel positieve effecten genoemd.

Een andere mogelijke bijwerking is overmatig zweten. Daartegen zou Oxybutinine wellicht kunnen helpen. Ook Clonidine, Doxasozine en Alfuzosine worden genoemd. Overleg met je arts.

Middelen kinderen

Op de website van het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie vind je algemene informatie over diverse medicijnen en informatie over de rol van medicatie bij de behandeling van dwang bij kinderen en jongeren.

2019-01-18T12:59:08+00:00