Bewegingen die ritmisch van aard zijn, met een wat naar binnen gericht bewustzijn, een beetje zoals een trance. Voorbeelden zijn duimzuigen, haardraaien, wrijven, wiegen, rollen met het hoofd, ijsberen. Ook veel opgaan in dagdromen zou je kunnen zien als een soort (mentale) stereotypie. Het wordt wel dwangmatig dagdromen genoemd, maar er hoeft geen obsessie beheerst te worden zoals bij dwanghandelingen het geval is.

Het onderscheid tussen stereotype gedragingen en tics is niet absoluut. Het begint vaak al op jongere leeftijd.

Stereotype gedragingen kunnen in tegenstelling tot dwanghandelingen iets plezierigs hebben. Het uitvoeren van een dwanghandeling kan ook prettig zijn omdat het de onrust opheft, maar er is toch een -weliswaar niet strikt- verschil tussen iets als lustvol ervaren of als opheffen van onlust.

Het onderscheid met obsessief-compulsieve spectrumstoornissen zoals trichotillomanie en skin-picking en met (complexe) tics is niet altijd scherp.